Wat zeggen onze partners ? | Giulia Stroink van EMRIC

In het kader van ons 50-jarig jubileum hebben we enkele van onze partners gevraagd om hun kijk op de Euregio Maas-Rijn en op onze samenwerking met ons te delen. Daaruit zijn vier testimonials voortgekomen. Lees hier het tweede!

Giulia Stroink 
Giulia Stroink

De EGTS Euregio Maas-Rijn (EMR) werkt samen met talrijke partners uit de hele Euregio. Hoe verschillend hun achtergronden en zwaartepunten ook zijn, ze streven één gemeenschappelijk doel na: de grensregio nog leefbaarder maken voor de mensen die hier wonen. Daarmee zijn zij belangrijke steunpilaren van de EMR.

“Veiligheid kent geen grenzen” – die zin hoort men vaak. Toch verwijst het woord “grenzen” zelden naar daadwerkelijke landsgrenzen. In de Euregio Maas-Rijn is dat precies wel het geval: hier is het vanzelfsprekend dat een ambulance of een brandweereenheid de grens oversteekt om buren te hulp te schieten. Daarbij wordt gemakkelijk vergeten dat deze vanzelfsprekendheid in andere grensregio’s allerminst gegarandeerd is. Onze drielandenregio was en is tot op de dag van vandaag een pionier op het gebied van grensoverschrijdende samenwerking bij rampenbestrijding en crisisbeheersing.

Sinds 1974 wordt deze samenwerking gecoördineerd en voortdurend verder ontwikkeld door EMRIC, Euregio Maas-Rijn Incidentenbestrijding en Crisisbeheersing.

Giulia Stroink, programmamanager bij EMRIC, vertelt er meer over:

“De gestructureerde Euregionale samenwerking op het gebied van ambulancezorg en brandweer, waaruit EMRIC uiteindelijk is voortgekomen, bestaat bijna net zo lang als de Euregio Maas-Rijn zelf.

Al in 1974 kwam het eerste aanbod van de Duitse traumahelikopter uit Aken om ook in de Nederlandse grensregio vluchten uit te voeren. Op dat moment waren er in Nederland nog helemaal geen traumahelikopters. Enkele jaren later werden ook afspraken gemaakt met de Belgische grensregio’s. Kort daarna ontstond de eerste Euregionale stuurgroep rond openbare veiligheid.

Sindsdien zijn er steeds goede contacten met de Euregio Maas-Rijn onderhouden.”

Voor Giulia Stroink is grensoverschrijdende samenwerking geen optie uit vele, maar een noodzaak. Want “alle partnerorganisaties [van EMRIC] zetten zich in voor de veiligheid van hun burgers, of het nu gaat om de brandweer, de ambulancezorg of de bevolkingsbescherming. Daarbij zouden onze burgers [in de EMR] er geen nadeel van mogen ondervinden dat zij zich in een grensregio bevinden. Net als hun andere landgenoten hebben zij recht op snelle en betrouwbare hulp in noodsituaties. Daarom moeten we in de grensregio samenwerken om onze burgers de best mogelijke hulp in noodsituaties te bieden – ongeacht aan welke kant van de grens zij zich bevinden.”

Deze samenwerking maakt allang deel uit van de dagelijkse praktijk – in een vorm die in Europa vrijwel uniek is: “Tot wel twee keer per dag steken ambulances en brandweereenheden in de Euregio Maas-Rijn de grens over. In deze vorm is dat behoorlijk uniek in Europa. Concreet gaat het erom dat de brandweer of ambulancezorg uit een ander land sneller ter plaatse kan zijn dan de eigen hulpdienst. Zelfs als het maar om een paar minuten gaat, kan dat in een noodsituatie het beslissende verschil maken. De ambulancezorg uit Aken rijdt bijvoorbeeld regelmatig uit naar Vaals. En de traumahelikopter in Würselen, waarmee alles begon, wordt nog altijd ongeveer 50 keer per jaar ingezet in Zuid-Limburg.

Maar het gaat niet alleen om de dagelijkse hulpverlening. Ook bij grotere incidenten werken we samen – bijvoorbeeld bij bosbranden of wanneer bijzondere expertise nodig is. Een goed voorbeeld is de instorting van de Wilhelminatoren in Valkenburg in 2025. Ook daar kon grensoverschrijdende samenwerking een concrete meerwaarde bieden.”

Om ervoor te zorgen dat de samenwerking tijdens de dagelijkse inzet soepel verloopt, is vooraf veel administratieve voorbereiding en afstemming nodig. In het begin was er ook enig politiek overtuigingswerk nodig. Bevoegdheden en beslissingsbevoegdheden liggen namelijk vaak op verschillende niveaus, van regionaal tot nationaal. Juist hier is de nauwe samenwerking met de Euregio Maas-Rijn voor EMRIC bijzonder waardevol:

“De Euregio Maas-Rijn ondersteunt ons dankzij haar contacten met hogere bestuursniveaus en ook met de politiek. Zij kan onderwerpen onder de aandacht brengen op niveaus die wij als afzonderlijke organisaties soms moeilijk kunnen bereiken. En in het algemeen maken de geografische omstandigheden van de Euregio het bijna onmogelijk dat mensen, organisaties en regio’s niet af en toe moeten samenwerken om een gemeenschappelijk probleem op te lossen. Het is dan goed dat er een orgaan bestaat dat deze uitwisseling en samenwerking vergemakkelijkt, met oog voor de behoeften van de burgers.

Grenzen lopen tenslotte niet langs rookwolken, ziekten, overstromingsgebieden of rivieren.”

Tegelijkertijd blijven grenzen een uitdaging, want “in de Euregio Maas-Rijn komen drie landen, talen, culturen en systemen samen. […] Misschien lijkt het soms zelfs alsof samenwerking [met] andere regio’s eenvoudiger zou zijn. Juist daarom is een 50-jarig bestaan iets bijzonders. Het laat zien dat onze regio ondanks al deze verschillen door iets unieks wordt verbonden. En dat er in de loop van tientallen jaren ongelooflijk veel kon worden bereikt.”

Voor EMRIC is de Euregio Maas-Rijn daarom van bijzonder belang, omdat “zij zich elke dag inzet voor een onderwerp dat bij velen slechts op de achtergrond meespeelt. Zij zorgt ervoor dat samenwerking vanzelfsprekend blijft.”



EGTS Euregio Maas-Rijn
Gospertstraße 42
B – 4700 Eupen
Tel.: +32 (0)87 789 639
nfrg-mr

 
Provinz Limburg B
 
 
Provinz Limburg NL
Region Aachen
Ostbelgien
Provinz Lüttich
 
Deze website maakt gebruik van cookies. Door gebruik te maken van deze website geeft u toestemming voor het gebruik van cookies. Informatie over gegevensbescherming